Site Logo

Fazant

De fazant is een kleurrijke hoenderachtige die in Nederland voorkomt in gevarieerde landschappen met voldoende beschutting. Lees meer over het leefgebied, gedrag en voortplanting van deze vogel en ontdek wanneer de jacht op fazanten is geopend.

Speel geluid af:

Herkomst en uiterlijk van de fazant

Fazanten zijn hoenderachtigen die in West-Europa werden geïntroduceerd door de Romeinen aan het begin van onze jaartelling. De mannetjes (hanen) zijn kleurrijk, terwijl de vrouwtjes (hennen) een lichtbruine schutkleur hebben, waardoor ze tijdens het broeden nauwelijks opvallen.

De in Nederland voorkomende fazanten zijn voornamelijk mengvormen tussen verschillende ondersoorten, afkomstig uit gebieden die zich uitstrekken van de Kaukasus via China tot in Japan. Er zijn hanen met een zwarte hals en een witte halsring. Aan de achterzijde van de kop heeft de haan twee pluimen en aan zijn poten sporen – klein bij jonge hanen, groot bij oudere.

Fazantenhaan met roodbruine veren, donkergroene kop en witte halsring in het gras
Een fazantenhaan in het gras, herkenbaar aan zijn kleurrijke verenkleed en lange staart. Foto: Robert-Jan Asselbergs.

Afmetingen en gewicht

De hanen zijn ongeveer 80 cm lang, inclusief een staart van 45 cm bestaande uit achttien pennen. Hennen zijn kleiner, ongeveer 60 cm lang, met een staart van circa 25 cm. De vleugels zijn kort en rond, zo’n 25 cm lang. Een haan weegt gemiddeld 1400 gram, een hen ongeveer 1200 gram.

Wanneer mag er op de fazant worden gejaagd?

De fazant behoort tot de vijf wildsoorten waarop in Nederland tijdens het vastgestelde jachtseizoen mag worden gejaagd. Voor fazantenhanen en fazantenhennen gelden verschillende jachttijden. De jacht op beide begint op 15 oktober, maar het seizoen voor de hen eindigt eerder dan dat voor de haan.

Jachtseizoen fazant

Fazantenhaan
15 oktober tot en met 31 januari

Fazantenhen
15 oktober tot en met 31 december

De jacht op fazanten vindt plaats binnen de geldende wettelijke kaders. Jagers houden daarbij rekening met de lokale wildstand en maken binnen wildbeheereenheden afspraken over een zorgvuldig en duurzaam beheer.

Wilt u weten wanneer de jacht op andere wildsoorten is geopend? Bekijk dan het volledige overzicht van jachttijden en jachtseizoenen in Nederland.

Gedrag tijdens de baltstijd

In de baltstijd kunnen hanen heftig met elkaar vechten. De naakte huid van kop en hals zwelt op en vormt felrode hanenkammen, lellen en zogenoemde “rozen”.

Kraaiende fazantenhaan met opvallende rode lellen, kleurrijk verenkleed en lange staart
Een kraaiende fazantenhaan met zijn kenmerkende kleurrijke verenkleed. Foto: Robert-Jan Asselbergs.

Leefgebied en voorkeuren

Fazanten komen in uiteenlopende gebieden voor, maar geven de voorkeur aan vochtige biotopen met structuurvariatie zoals:

  • Slootkanten en greppels
  • Rietkragen
  • Gronddepots
  • Houtwallen en singels

Hoewel ze ook in bossen voorkomen, hebben ze een voorkeur voor parklandschappen met veel struweel. Begroeide akkers in agrarische gebieden zijn ook geschikt.

Dagelijkse activiteiten en gedrag

Fazanten zijn overdag actief. Ze roesten (slapen) in groepen, bij voorkeur in bomen of struiken. Als dat niet mogelijk is, zoeken ze beschutting op de grond. Ze zijn echte loopvogels, die liever rennen dan vliegen. Maar als ze eenmaal vliegen, doen ze dat verrassend goed.

Groepsvorming en territorium

Fazanten leven meestal in groepen. In de winter zijn dat groepen van drie à vier hanen met meerdere hennen. In de paartijd heeft iedere haan een eigen baltsplaats met enkele hennen. Rivalen worden dan niet geduld. Fazanten zijn goed hoorbaar in het veld door hun schorre kreet, waarmee het territorium wordt aangegeven. Het baltsen begint meestal in februari of maart, afhankelijk van het weer, en vindt vooral ’s ochtends vroeg of in de late namiddag plaats.

Voortplanting en broedperiode

De hen maakt haar nest op de grond in hoog gras of ruige begroeiing. Hierin legt ze 8 tot 12 olijfgroene eieren. De kuikens zijn nestvlieders en eten in de eerste weken voornamelijk insecten. Langdurig regenachtig weer tijdens deze periode is nadelig voor hun overlevingskansen. Na 2 à 3 maanden zijn ze zelfstandig en na een jaar geslachtsrijp.

Fazantenhen met bruin, gevlekt verenkleed loopt door het gras langs een bosrand
De fazantenhen heeft een onopvallend bruin verenkleed, waardoor zij minder opvalt in de vegetatie. Foto: Robert-Jan Asselbergs.

Broedgegevens

Paartijd: februari – maart

Broedtijd: april – juli

Aantal legsels: 1, vervanglegsel mogelijk

Aantal eieren: 8 – 12, olijfbruin tot blauwgrijs

Broedduur: 23 – 24 dagen (broedt vanaf laatste ei)

Voedsel en impact op landbouw

Fazanten eten een breed scala aan voedsel: planten, zaden, bessen, wormen, slakken, kikkers, hagedissen en insecten. In de winter en het vroege voorjaar is voedsel schaars. De kuikens foerageren in het begin voornamelijk op insecten. Fazanten kunnen enigszins schadelijk zijn voor de landbouw door het eten van zaaizaden en het aanpikken van gewassen, zoals in de bollenteelt. In droge tijden kunnen sappige kiemplanten beschadigd raken.

Jacht en beheer

De fazant is een geliefde jachtvogel. Zorgvuldig beheer is noodzakelijk voor behoud van de soort. De jacht is meestal kleinschalig en gericht op duurzame benutting, waarbij hennen vaak worden ontzien. Maatregelen zoals aanleg van wildakkers, beheer van roofdieren en voorkomen van maaiverliezen helpen de populatie. Deze inspanningen hebben ook een positief effect op andere akkervogels zoals de patrijs, kwartel en veldleeuwerik.

Wetgeving en populatieontwikkeling

Sinds 1995 is het uitzetten van fazanten verboden. Sindsdien worden ook minder fazanten geschoten.

Fazanten komen als standvogel voor in heel Nederland, met de hoogste dichtheden in Zeeland, Zuid-Holland en Noord-Brabant.

Volgens Sovon waren er in de periode 2013 – 2015 naar schatting tussen de 21.000 en 26.000 broedparen in Nederland. Sinds 1980 is het aantal fazanten afgenomen, door een verslechtering van het leefgebied, schaalvergroting in de landbouw, verkeer en toenemende predatie. De toekomst van de fazant hangt sterk af van de kwaliteit van het leefgebied en beheersmaatregelen tegen predatoren.

Jaarlijks worden naar schatting 210.000 tot 260.000 kuikens geboren.

Bronnen

  • SJN (2025). Cursusboek Jacht en Faunabeheer
  • SOVON (2019). Atlas van de Nederlandse broedvogels