05:53
21:37
Nachtmodus
Foto: Erik van Til

Minister Van der Wal verdiept zich in de jagerspraktijk

Minister voor Natuur en Stikstof Van der Wal wilde graag eens meelopen met de jagers. Het veld in, met de voeten in de klei. Of zoals afgelopen maandag 6 november bij het Stoomgemaal Hertog Reijnout in Nijkerk met de lieslaarzen in de sloot. Samen met directeur Willem Schimmelpenninck plaatste zij een broedkorf èn ze kreeg er eentje mee naar huis. Het werkbezoek was een geslaagde samenwerking tussen de Koninklijke Nederlandse Jagersverenging, de Nederlandse Organisatie voor Jacht en Grondbeheer (NOJG) en de Federatie Particulier Grondbezit (FPG).

De kernboodschap die de minister meekreeg was dat jagers met hun kennis en kunde van het buitengebied een onmisbare schakel in het agrarisch natuurbeheer zijn. De minister en haar gevolg kregen uitleg over ganzenbeheer en het belang van het gebruik van de wildtellingen van jagers. En terwijl de minister met een verrekijker verschillende weidevogels, eenden en ganzen spotte, werd zij bijgepraat over de bescherming van kwetsbare soorten tegen een veelheid aan roofdieren. Daarnaast dreigen ook algemeen voorkomende soorten, zoals de gans, dreigen de balans in de polder te verstoren.

Samenwerking

Nico de Bruin van de WBE Nijkerk en omgeving is in het gebied werkzaam en vertelde de minister over de belangrijke en goede samenwerking met het agrarisch collectief. Dit werd beaamd door Peter van de Veen, die als veldcoördinator vertegenwoordigd was namens Biotoopverbetering Agrarisch Overleg (BAO). Hij vertelde de minister over het brede scala aan maatregelen dat wordt genomen om de biodiversiteit te bevorderen, zoals het aanleggen van plas-dras gebieden, kruidenrijke akkerranden, wildakkers, mozaïek maaien , extensieve beweiding en het gebruik van stalmest in plaats van het injecteren van mest. Van der Wal: “De Arkemheenpolder is een prachtig gebied zoals het is. Goed om eens in de praktijk te zien hoe jagers zich inzetten voor faunabeheer en het in stand houden van dit natuurgebied.”

Kwetsbare soorten

Voorzitter Theo ten Haaf vertelde Van der Wal onder meer: “Jagers zijn met passie betrokken bij de natuur en zetten zich in om het leefgebied van soorten te optimaliseren, de verkeers- en vliegveiligheid te verbeteren, schade voor boeren te beperken en te grote populaties te bejagen voor duurzame benutting. Daar ligt een grondige opleiding aan ten grondslag en een gedegen kennis van het gebied waarin de jagers werkzaam zijn. Deze polders vertegenwoordigen en visie op de toekomst van het landelijk gebied, waarin partijen in het buitengebied samenwerken om een optimale biodiversiteit en wildstand te realiseren, waarbij jagers een essentiële schakel in het beheer vormen.”

Natura 2000

De Arkemheen polders zijn een Natura 2000 gebied, aangewezen voor smienten en de kleine zwaan als overwinteraars. Daarnaast verblijft er een grote diversiteit aan akker- en weidevogels in het gebied. In de zomer broeden er verschillende eendensoorten, de veldleeuwerik, graspieper en de kluut. In de winter zijn de polders een rust-, foerageer- en doortrekgebied voor wilde zwanen, riet- en kolganzen, smienten, wulpen en snippen. Arkemheen is dus een voorbeeld van een gebied wat in belangrijke mate bijdraagt aan de instandhoudingsdoelen van kwetsbare soorten van de vogelrichtlijn. En daarmee was de locatie uitermate geschikt voor een bezoek van de minister.

Vertrouwen

De kennis en het vakmanschap waarmee door jagers op een verantwoorde wijze invulling wordt gegeven aan maatschappelijke en ecologische belangen werd nadrukkelijk voor het voetlicht gebracht bij de minister. Alles bij elkaar opgeteld, is het niet vreemd dat jagers graag wat meer vertrouwen zouden willen zien vanuit de overheid. In het kielzog hiervan wilden wij de minister ook meegeven dat jagers bij het uitvoeren van provinciaal beleid tegen veel bureaucratische obstakels aanlopen, doordat elke provincie er een eigen beleid op nahoudt.

Bevolking bijna verdubbeld

Verder maakte de minister kennis met de warmtebeeldkijker, de voordelen van het inzetten van drones en werd zij bijgepraat over het belang van de tellingen van jagers. We legden uit dat de NEM-tellingen vaak plaatsvinden in meer vogelrijke gebieden, terwijl dat meestal niet gebieden zijn waar de meeste hazen leven. Ook werd er aandacht besteed aan de bevolkingsontwikkeling: de populatie Nederland bijna verdubbeld sinds 1950. In gemeente Nijkerk alleen al is het aantal inwoners sinds 1994 met 30% toegenomen. Dit is illustratief voor heel Nederland en heeft een enorme impact op het grondgebruik.

Nederland op slot

Concluderend: er is minder plaats voor dieren, zoals ook de haas. Maar het betekent niet per definitie dat het ook slecht gaat met de hazen in de agrarische gebieden. De Jagersvereniging gaf de minister mee dat algemeen voorkomende soorten gelijkstellen aan kwetsbare of bedreigde soorten het nagenoeg onmogelijk maakt om te blijven bouwen aan woningen en wegen. Dan gaat Nederland op slot, zo stelden wij als jagersverenigingen en de FPG. Een heleboel informatie voor de minister en haar gevolg. Gelukkig had zij ruim de tijd uitgetrokken voor haar bezoek aan de natte en winderige Arkemheenpolder. Na afloop even snel de waterdichte laarzen en warme trui vervangen door een nettere outfit: op naar de volgende afspraak.

Opnieuw rond de tafel

Eén dag later zaten de Jagersvereniging, de NOJG en de FPG weer met de minister en haar ambtenaren aan tafel. Ditmaal in Den Haag, om meer inhoudelijk op de meest prangende thema’s in te gaan. Op de agenda stonden een terugblik op het werkbezoek (waar de minister zelf het water in ging om te ervaren hoe het is om een broedkorf te plaatsen) en meerdere belangrijke onderwerpen, zoals het recente vonnis in de bodemprocedure tegen de Staat over sluiting van jacht op haas en konijn, de landelijke vrijstellingslijst, gebruik van WBE-teldata en de systeemwijzing jacht- en faunabeheer.

  • Delen:

Gerelateerd nieuws