Zon op
08:05
Zon onder
16:41
Nachtmodus

Beierse en Hannoveraanse Zweethond

Hannoveraanse zweethond

Twee rassen die in ons land alleen gebruikt worden bij de nazoek van herten, reeën, damherten, moeflons en wilde zwijnen: de Beierse Bergzweethond en de Hannoveraanse Zweethond. Deze honden worden niet alleen ingezet na de jacht, maar ook na aanrijdingen met grote hoefdieren. Hoewel zweetwerk als hondensport snel populair wordt, is het in de praktijk een serieuze bezigheid die alleen door deskundige voorjagers met ervaren honden succesvol wordt uitgevoerd.

Zweethonden

Voor een korte nazoek zijn de meeste jachthonden goed op te leiden. Maar de eisen voor een nazoek in de praktijk zijn hoog. Zweethonden zijn gefokt op eigenschappen als concentratie, doorzettingsvermogen en rust. Als het nodig is moeten zweethonden voldoende kracht, moed en snelheid hebben om een groot dier te achtervolgen, het gewonde dier op zijn plaats te houden door het luid blaffend te omcirkelen (stellen) en eventueel omver te werpen (afwurgen). Het Internationale Schweisshunden Verband, ISHV, schrijft voor dat alle zweethonden spoorluid worden gefokt, zodat de begeleider weet waar de hond is. Er zijn drie hondenrassen die aan al deze eisen voldoen: de Beierse Bergzweethond, de Hannoveraanse Zweethond en de Alpenländische Dasbrak. Ook de Duitse Wachtel kan goed presteren op dit gebied. We bespreken hieronder de twee rassen die in Nederland het meest worden ingezet voor lange praktijknazoeken.

Een waarschuwing vooraf: beide rassen zijn gefokt om mee te werken. Dat maakt ze alleen geschikt voor mensen die in de gelegenheid zijn om deze honden minimaal 50 praktijknazoeken per jaar te laten doen. Het strikte plaatsingsbeleid is ingesteld om ervoor te zorgen dat het ras blijft bestaan uit zo gezond mogelijke werkhonden.

Kenmerken Beierse Bergzweethond

Afmetingen

De reuen hebben een schofthoogte tussen de 47 en 52 cm, teven tussen de 44 en 48 cm. Het is een lichte, zeer beweeglijke, middelgrote hond. Het lijf is iets langer dan hoog en de achterkant is licht overbouwd.

Beharing

De glanzende vacht is dicht en ligt glad op de huid, is wat ruwer op de buik, poten en staart en fijner op de kop en oren. Een keer per week borstelen met een zachte borstel en in de verharingsperiode met een rubberen borstel, is voldoende.

Kleur

De kleur van de vacht kan dieprood, hertenkleur, roodbruin, roodgeel, okergeel, tarwekleur of roodgrijs zijn. Heel soms is de vacht gevlamd of met vlekken. De kleur van de snuit, oren, en de rug en staart is meestal intenser en soms donkerder. Veel Beierse Bergzweethonden hebben een donker, bijna zwart masker en oren.

Algemene karaktereigenschappen

Als de hond werkt, is hij kalm en zelfverzekerd. Met de juiste opleiding zijn Beierse Bergzweethonden zeer spoorvast. Bij voorkeur zijn deze honden spoorluid; op de warme voet moeten ze zichtluid zijn, dat wil zeggen luid geven als ze het wild in het oog hebben. Beierse Bergzweethonden zijn moedig genoeg om het wild scherp te stellen.

Rasspecifieke problemen

Zoals de meeste hondenrassen met een smalle fokbasis komt Heupdysplasie voor en een zeer rasspecifieke vorm van epilepsie. De door de ISHV erkende rasverenigingen van Beierse Bergzweethonden selecteren ouderdieren waarmee gefokt gaat worden zeer streng hierop.

Criteria Beierse Bergzweethond

Geschikt als huishond

Thuis is hij aanhankelijk en alert op alles wat gebeurt in en om het huis. De Beierse Bergzweethond is zeker geen hond die permanent in een kennel buitenshuis gehouden kan worden. Dit kan zijn karakter en de band tussen baas en hond behoorlijk negatief beïnvloeden.

 Sociale omgang (andere huisdieren/ kinderen)

Jonge honden gaan meestal leuk en vriendelijk om met iedereen, maar dit verandert naarmate de hond ouder wordt. Volwassen honden kunnen zeer eenkennig zijn naar vreemden, maar bekenden van de baas worden vriendelijk bejegend. De omgang met de huiskat hoeft geen problemen op te leveren, mits er een goede socialisatie heeft plaatsgevonden. Van de drukte die kinderen veroorzaken, zijn honden van dit ras niet gediend.

Hanteerbaarheid / trainen & opvoeden

Beide zweethondenrassen ontwikkelen zich relatief laat. Voor de opleiding heeft u veel geduld nodig. U moet al met de jonge pup starten hem stap voor stap op te leiden.

Beweging / woonomgeving

De Beierse Bergzweethond heeft een groot uithoudingsvermogen en veel beweging nodig. Het is belangrijk om dagelijks met de hond bezig te zijn en minimaal wekelijks een uitgebreid spoor te lopen. Het houden van de hond in een dichtbewoonde omgeving kan soms problemen opleveren omdat de honden nogal luid zijn. Aan de lijn lopen vinden honden van dit ras niet erg plezierig. Ze zijn gefokt om vrij in de bergen te kunnen bewegen. Daar is het immers onmogelijk om met de hond aan de lijn en het geweer de bergen te beklimmen. U moet ze daarom de gelegenheid bieden om onaangelijnd te rennen. Het uitwerken van een spoor gebeurt uiteraard wel aan een lange lijn.

Waakzaamheid / houding naar onbekenden

Hij is trouw aan zijn baas en voorzichtig met vreemden.

Karakter baas voor dit ras

Uw belangrijkste karaktereigenschap moet zijn dat u niet te ongedurig bent. Het is niet verstandig om zonder ervaring met honden aan een Beierse Bergzweethond te beginnen.

Specialisaties in zweetwerk

De Beierse Bergzweethond is met name geschikt voor de nazoek van alle grofwildsoorten. Aangekomen bij een dood stuk wild zal hij luid geven (totverbellen), of de voorjager ophalen en naar het aangeschoten wild brengen (totverweisen). Als het gewonde dier opkomt uit het wondbed dan wordt de hond geslipt en volgt hij luid gevend het spoor. Deze honden zijn in ieder geval zichtluid, maar liever nog spoorluid. Als deze eigenschappen ontbreken, wordt de hond uitgesloten van de fok.

Dankzij het brakkenbloed is de Beierse Bergzweethond goed in hetzen en stellen. Bij agressieve zwijnen kan hij door zijn rankere lichaamsbouw en snelheid in het voordeel zijn ten opzichte van de Hannoveraanse Zweethond.

Kenmerken Hannoveraanse Zweethond

Afmetingen

De reuen variëren in schofthoogte tussen de 50-60 cm, teven zijn tussen 40-50 cm hoog. De Hannoveraanse zweethond is een middelgrote, compacte hond die relatief laag op zijn poten staat en er krachtig uitziet.

Beharing

De vacht is dicht en ligt glad op de huid. Een keer per week borstelen met een zachte borstel en in de verharingsperiode met een rubberen borstel, is voldoende.

Kleur

De vachtkleur varieert van licht tot donker hertenrood, en is meer of minder gestroomd (met donkere strepen). Hannoveraanse zweethonden hebben vaak een donker masker.

Algemene karaktereigenschappen

Deze honden zijn erg zelfverzekerd als ze aan het werk zijn, hebben veel doorzettingsvermogen en een groot uithoudingsvermogen. Hannoveranen werken rustig en geconcentreerd. Over het algemeen zijn deze zweethonden flegmatisch en behoorlijk eenkennig, maar onvoorwaardelijk trouw aan hun roedel. Naar vreemde mensen zijn ze vaak onzeker.

Rasspecifieke problemen

Ook bij dit ras komt Heupdysplasie voor en een zeer rasspecifieke vorm van epilepsie. Hierop worden ouderdieren in de fokprogramma’s, van de door de ISHV erkende rasverenigingen, zeer streng geselecteerd.

Criteria Hannoveraanse Zweethond

Geschikt als huishond

Hannoveranen zijn in principe zeer geschikte huishonden, zeker als u ze met rust en geduld opvoedt. Mits u ze voldoende laat werken en de hond genoeg aansluiting biedt in zijn ‘roedel’ kunt u hem ook prima in een kennel houden.

Sociale omgang (andere huisdieren/ kinderen)

Goed gesocialiseerd en opgevoed, gaan Hannoveraanse zweethonden prima om met andere huisdieren. Als ze ermee zijn opgegroeid, leveren kinderen meestal geen problemen op met dit ras.

 Hanteerbaarheid / trainen & opvoeden

De opvoeding vereist van begeleider en hond hard werken, geduld en hartstocht. Doet u dit absoluut met veel rust en vertrouwen. De training van de Hannoveraanse Zweethond moet consequent en zeer duidelijk zijn, maar wel vriendelijk.

Beweging / woonomgeving

De Hannoveraanse Zweethond heeft veel energie en uithoudingsvermogen. Ze lopen graag langere afstanden en vaak per dag. Veel hangt af van hoe vaak u met de hond aan het werk bent. Een hond die veel werkt, kan tussendoor gemakkelijk een dag aan een stuk slapen. Met de jonge hond kunt u een keer per week oefensporen lopen. Als het kwartje is gevallen, hoeft u dat niet meer te doen.

Waakzaamheid / houding naar onbekenden

Naar mensen die zij niet kennen zijn ze terughoudend, naar mensen uit eigen kring zijn ze aanhankelijk.

Karakter baas voor dit ras

Een evenwichtig persoon is voor elke hond het prettigst. Zweethonden zijn over het algemeen gevoelig van aard, dus voor hen geldt dat des te meer.

Specialisaties in zweetwerk

Oorspronkelijk werden Hannoveraanse zweethonden alleen voor het nazoeken van roodwild gebruikt. Tegenwoordig worden ze ook ingezet voor de nazoek op andere grofwildsoorten. Ree valt in Duitsland overigens onder kleinwild en telt daarom niet mee. Op het koude spoor wordt altijd aan de lange lijn gezocht. Als het gewonde wild voor het nazoekteam vlucht, kan een Hannoveraanse zweethond zeker hetzen en stellen.

Stichting Zweethonden Nederland (SZN)

www.zweethonden.nl

SZN biedt via haar website een Zweethondenlijst aan. Alle zweethondenteams op deze lijst zijn gecertificeerd en hebben hun kwaliteiten bewezen in de praktijk. Jaarlijks doen faunabeheerders, wegbeheerders, politie en ANWB honderden keren een beroep op de deelnemers van de lijst. Verder geeft de stichting adviezen aan voorjagers die zich in het zweethondenwerk willen bekwamen. Het bestuur van SZN heeft ook contacten met de ISHV-verenigingen in het buitenland.

Deze informatie verscheen eerder in vakmagazine De Jager, in de serie ‘De jachthond in de Nederlandse jachtpraktijk’. Samenstelling: Judith Habets.

  • Delen: