temp.
19°
Zon op
05:23
Zon onder
21:58
Nachtmodus

Vogelgriep (aviaire influenza)

Het laatste nieuws

Dossier vogelgriep: hier leest u alle recent verschenen informatie over de vogelgriep eenvoudig terug

Dossier vogelgriep: hier leest u alle recent verschenen informatie over de vogelgriep eenvoudig terug.

Op 8 december 2017 is op op een eendenhouderij in Biddinghuizen vogelgriep geconstateerd. Er is een landelijk vervoersverbod voor pluimvee ingesteld en het besmette bedrijf wordt geruimd.
U vindt de betreffende maatregelen en verdere informatie op de website van het ministerie van LNV.

Wat is vogelgriep?

Vogelgriep is een virus dat voorkomt bij een aantal vogelsoorten. Er zijn vele soorten vogelgriep. Ze worden onderscheiden door bepaalde eiwitten aan de buitenkant van het virus: de H’s (16 verschillende) en de N-en (9 stuks). Ieder vogelgriep type wordt aangeduid door die combinaties van H en N met nummers zoals H5N8 of H5N2.

Welke vogelsoorten kunnen vogelgriep krijgen?

Bij gehouden vogels zijn dat vooral kippen, kalkoenen, fazanten, struisvogels en alle watervogelsoorten. Bij wilde vogels zijn dat o.a. eenden, ganzen, futen, zwanen, meeuwen, steltlopers maar ook roofvogels. Voor onderzoek naar vogelgriep worden momenteel tal van aandachtsoorten onderzocht.

Hoe herken je vogelgriep?

Alleen in het laboratorium kan vogelgriep worden opgespoord. In het veld is deze ziekte bij vogels niet herkenbaar. Zwakke of zieke vogels kunnen vogelgriep hebben, maar ook wat anders onder de leden. Om daar achter te komen is het belangrijk dode vogels op te sturen voor onderzoek. Vooral watervogels – eenden, zwanen, ganzen, steltlopers en meeuwen dragen van nature vaak (milde) vogelgriepvirussen met zich mee zonder daar zichtbaar ziek van te zijn. Ze zijn wel een aantal dagen minder actief.

Is vogelgriep gevaarlijk voor mens en dier?

Er zijn laagpathogene vormen (milde griep) en hoogpathogene vormen (ernstige of dodelijke ziekteverschijnselen). Het vogelgriep virus dat in Nederland recent is aangetroffen is H5N8, hoog pathogeen en voor pluimvee dodelijk. Het kan soms bij de mens voor ziekteverschijnselen zorgen bij intensief contact met zieke dieren. Ook kan vogelgriep soms worden overgedragen op zoogdieren zoals zeehonden. Onder sommige omstandigheden kunnen mild pathogene virussen (H5 en H7 typen) door mutatie overgaan in hoog pathogene vogelgriepvirussen. In ieder geval wordt aangeraden om bij vogels die dood worden gevonden hygiënemaatregelen te treffen als u ze opstuurt.

Waar komt vogelgriep vandaan?

Vogelgriep komt van nature en wereldwijd voor onder wilde vogels, vaak in de milde varianten. Ze worden er vaak niet echt ziek van maar kunnen het wel verspreiden over grote afstanden. De gevaarlijke vorm H5N8 komt geregeld tot uitbraak in gebieden met hoge concentraties aan gehouden vogels. Over exacte rol van wilde vogels in de verspreiding van vogelgriep is nog veel onbekend.

Trekroutes?

Analyse van het genetisch materiaal van de virussen laat zien dat H5N8 zeer waarschijnlijk wordt verspreid door vogels, bijvoorbeeld via broedgebieden in het poolgebied. Daar ontmoeten oostelijke en westelijk populaties elkaar en kan het virus meevliegen naar Europa. Bij het bemonsteren van verschillende soorten watervogels in het hoge noorden zijn tot nu toe slechts spaarzaam vogelgriepvirussen aangetroffen. In bloed(serum)monsters kun je ook zien of er eerder infectie geweest is.

Hoe raken dieren onderling besmet?

Besmetting treedt vooral op via onderling contact, via de lucht, via mest en op pluimveebedrijven ook via mensen via kleding, schoeisel en besmette dieren. Vandaar ook een ophok- en afschermplicht bij uitbraken.

Wilde vogels en pluimvee

Wilde vogels kunnen veel beter tegen vogelgriep dan kippen. Maar voor pluimvee is het veel gevaarlijker en dodelijk. Milde griepjes kunnen muteren tot de hoogpathogene, voor hen zeer dodelijke griep (‘vogelpest’). Wilde vogels kunnen daarna die hoogpathogene versie krijgen van pluimvee (‘spill back’). Sommige wilde vogels worden ook van deze hoogpathogene vormen niet ziek, maar kunnen er ook aan sterven. Dat zien we momenteel bij de kuifeenden en futen in de Gouwzee. Zeer grootschalige sterfte van wilde vogels zoals in pluimveehouderijen is in Nederland nog niet waargenomen.

Hoe verspreidt vogelgriep zich in Nederland?

Er zijn 3 manieren waarop het virus zich verspreid:

  • Via besmetting tussen pluimveebedrijven door mensen. Dat kan via transport, betreding van verschillende pluimveebedrijven, verplaatsing van dieren of het meenemen van het virus via laarzen, autobanden of kleding.
  • Via wilde vogels die het virus naar pluimveebedrijven kunnen verplaatsen zoals in uitloopbedrijven waar uitwerpselen met virussen afkomstig van overvliegende watervogels op kippen of eenden wordt overgedragen. Dit is echter nog niet aangetoond.
  • Door het verspreiden van besmette dieren of kadavers. Dat kan door mensen, maar ook vossen kunnen bijvoorbeeld besmette dieren verplaatsen. Wellicht zouden roofvogels of andere aaseters (wild zwijn) ook vogelgriep kunnen verplaatsen, maar die kans lijkt heel erg klein.

Hoe lang duurt het voordat de uitbraak voorbij is? Dat is onbekend. In 2014 werd de jacht een maand stilgelegd.

Vogelgriep in 2014

In 2014 en 2015 raakten miljoenen gehouden vogels in Japan, Noord-Amerika en Europa geïnfecteerd met H5N8, dat begin 2014 in Zuid-Korea was opgedoken. Tot op heden was onduidelijk hoe H5N8 zich zo snel had verspreid. Dit virustype is het eerst gesignaleerd in China in 2010. Waarschijnlijk is het daar ontstaan in tamme, vrije-uitloop eenden. Daarna is het in zowel wilde vogels als pluimvee gesignaleerd in Zuid-Korea en Japan (o.a. in wintertaling, Siberische taling, vlekbekeend, wilde eend, rietgans, kolgans en kleine zwaan). In Zuid-Korea waren er grote uitbraken van vogelgriep bij pluimvee begin 2014.

Het virus dat in 2014 in Nederland is aangetroffen is genetisch vrijwel identiek aan dat in Zuidoost Azië, en komt dus daar vandaan. De uitbraak in Nederland heeft geleid tot het stilleggen van de jacht in 2014 van half november tot half december.

Vogelgriep in 2016

In oktober werd in Deurne een milde vorm van vogelgriep (H5N2) vastgesteld op een bedrijf met kalkoenen, fazanten en vleeseenden. In oktober en november werden in Oost-Europa en in Duitsland dode wilde vogels aangetroffen met hoogpathogeen H5N8. In november werden bij Monnickendam dode kuifeenden en futen gevonden met het hoog-pathogene H5N8 dat ook voor pluimvee erg besmettelijk is. Daarop werd direct daarna een ophokplicht voor heel Nederland ingesteld. Voor fazanten en struisvogels en ander pluimvee dat moeilijk is binnen te houden geldt dat buitenverblijven moeten worden voorzien van afschermnetten.

Op 14 november 2016 werd duidelijk dat ook in Zeewolde dode kuifeenden zijn aangetroffen met vogelgriep H5N8. En op 15 november werd ook duidelijk dat in de Gouwzee circa 1200 dode kuifeenden en futen gestorven waren aan het vogelgriep virus H5N8. Ook in Rotterdam werd in een besmetting vastgesteld in een watervogelcollectie. Daarop werden de maatregelen verscherpt inclusief een jachtverbod op watervogels of in gebieden waardoor watervogels verstoord kunnen raken.

Is jacht van invloed op de verspreiding en uitbraken van vogelgriep?

Dat is onwaarschijnlijk en er is geen enkel bewijs voor. In 2014 is vanwege uitbraken van vogelgriep de jacht gesloten, er werd door de Rijksoverheid een totaal jachtverbod ingesteld. Onduidelijk is waar dat precies op was gebaseerd. Genoemd werd het verstoren van dieren en daardoor een grotere kans op verspreiding van het virus. Echter grote verplaatsingen van miljoenen watervogels worden gestuurd door het dagelijkse foerageergedrag,  het seizoen en door de weersomstandigheden zoals kou, ijs of sneeuw en niet door jacht. Het lokaal opvliegen van watervogels valt in het niet bij de natuurlijke grootschalige verplaatsingen van waterwild. Bovendien vinden er in het buitengebied allerlei vormen van recreatie of landgebruik plaats waardoor vogels zich ook lokaal verplaatsen zoals watersport, wandelen, onderhoud, burgerluchtvaart, ballonvaart of evenementen. Analyse uit 2014 laat zien dat het stopzetten van de jacht geen invloed had op de landelijke trek en verplaatsing van waterwild.

Is er een negatief effect van het stoppen van bejaging?

Ja, in schadegevoelige gebieden mag geen bejaging plaatsvinden. Naast toename van landbouwschade zal ook de standsregulatie achterblijven.

Waarom dan toch een jachtverbod?

Bij uitbraken van hoog pathogene vogelgriep onder gehouden of wilde vogels gaat het draaiboek Vogelgriep van het Ministerie van Economische Zaken in werking. Een van de mogelijke maatregelen die daarin wordt genoemd is een jachtverbod bij uitbraken. Maar ook andere maatregelen zijn mogelijk. De Jagersvereniging vindt het jammer dat dit middel wordt ingezet op basis van vermoedens en niet op basis van kennis en streeft naar aanpassing van dit onderdeel.

Wat kunnen jagers doen in perioden van een uitbraak?

  • Alert zijn en de berichtgeving volgen;
  • Dode, zieke of verzwakte vogels in het veld uit voorzorg niet aanraken, maar wel melden en opsturen na melding (daar zijn geen kosten aan verbonden);
    • Enkele dood gevonden dieren melden bij het DWHC (tel 030 – 253 79 25);
    • Meer dan 3 dode dieren op een plek melden bij de NVWA (tel. 045 – 546 31 88)
Wat te doen bij dood gevonden vogels?

Wat te doen bij dood gevonden vogels?  Klik om te downloaden

  • Voorkomen dat dode dieren in het water achterblijven;
  • Neem geen vogels mee uit gebieden waar uitbraken voorkomen of besmetting is vastgesteld.
  • Bezoek geen pluimveebedrijven of uitlopen van pluimveebedrijven als in Nederland sprake is van een uitbraak of dreiging daarvan. Pluimveehouders die ook jagen op watervogels wordt aangeraden in uitbraakperioden niet te jagen op waterwild, direct of indirect, met watervogels in contact te komen en ze ook niet mee te (laten) brengen naar hun bedrijf;
  • Dat geldt ook voor jagers die de bestrijding van ratten of vossen op pluimveebedrijven uitvoeren. Kom niet in de uitlooprennen of op bedrijven.

Zijn de grote aantallen ganzen en eenden in Nederland de oorzaak?

De grote uitbraken van hoog besmettelijke vogelgriep vinden tot nu toe altijd plaats bij gehouden dieren. Hoge dichtheden aan vogels zijn altijd risicovol, zowel gehouden als niet gehouden. In Nederland komen buiten pluimveebedrijven hoge dichtheden voor aan ganzen en andere watervogels voor (vele miljoenen). Dat heeft te maken met de aantrekkelijkheid van ons land voor watervogels, maar ook met het laten oplopen van de aantallen (ganzen) en de aanleg van wetlands. Het is niet aangetoond dat er een verband is tussen het optreden van hoog pathogene vogelgriep of uitbraken daarvan en de hoge aantallen ganzen in ons land. Wel is er een grotere kans dat in populaties wilde vogels met hoge dichtheden ook meer besmette dieren aanwezig zijn. Waterrijke natuurgebieden zijn wellicht wel plekken waar eerder besmetting onder wilde vogels optreedt, maar niet de oorzaak van uitbraken.

Wie doet wat?

Ministerie van Economische zaken:

Besluiten van de rijksoverheid over de vogelgriep https://www.rijksoverheid.nl/onderwerpen/dierziekten/inhoud/maatregelen-tegen-vogelgriep

Nederlandse Voedsel en Waren autoriteit

Melding grotere aantallen dode vogels (meer dan 3) en dode dieren op bedrijven NVWA (045 – 546 31 88)

https://www.nvwa.nl/onderwerpen/dierziekten/inhoud/vogelgriep

RIVM

Effect van vogelgriep op de volksgezondheid en informatie hierover

http://www.rivm.nl/Documenten_en_publicaties/Algemeen_Actueel/Veelgestelde_vragen/Infectieziekten/Veelgestelde_vragen_aviaire_influenza_vogelgriep

Wageninge Bioveterinairy Research (voorheen CVI)

Onderzoek naar vogelgriep op gehouden dieren

http://www.wur.nl/nl/Expertises-Dienstverlening/Onderzoeksinstituten/Bioveterinary-Research/show/Hoog-pathogeen-H5N8-aangetoond-in-wilde-watervogels-in-Nederland.htm?platform=hootsuite

DWHC

Melding van kleine aantallen dood gevonden dieren

www.dwhc.nl

Bronnen:

Kuiken, T. et al., 2016. Role for migratory wild birds in the global spread of avian influenza H5N8 Science 14 Oct 2016: Vol. 354, Issue 6309, pp. 213-217 DOI: 10.1126/science.aaf8852

Min EZZ, 2013. Beleidsdraaiboek Aviaire Influenza.

Min EZ, 2016. Deskundigen advies beleidsdraaiboek AI juli 2016.

Friedrich-Loeffler-Institut, FLI bericht 8 november en FLI bericht 9 november, (Duitsland)

Bundesamt für Lebensmittensicherheit und Veterinärwesen, (Zwitserland)

Ages en Bundesministerium für Gesundheit und Frauen (Oostenrijk).

  • Delen: