Zon op
08:09
Zon onder
16:38
Nachtmodus

Welke procedure dient er gevolgd te worden bij een aanrijding met een wild dier?

Op het moment dat iemand een dier aanrijdt, dient de politie te worden gebeld via het nummer 0900 8844 (algemeen politienummer). Ook als het dier niet blijft liggen. Dit betreft met name grofwild zoals reeën, herten en zwijnen. Geef aan de politie zo goed mogelijk door waar de aanrijding heeft plaatsgevonden en wacht de komst van de politie of de jager af.

Een jager komt meestal ter plaatse als er in de provincie een zogenaamde valwildregeling is. Hierbij zijn jagers aangewezen om deze dieren te mogen vervoeren en tevens gewonde dieren uit hun lijden te mogen verlossen. Is het gewonde dier gevlucht, dan zorgt de jager ervoor dat het gewonde dier wordt opgespoord. Dit wordt met een zweethond gedaan. Deze jagers mogen dit op aanwijzing van de politie overal doen en dus ook in het jachtveld van iemand anders. Een jachthouder die niet is aangewezen voor de valwildregeling mag dit in zijn eigen veld dus niet doen.

Het meenemen van aangereden dieren is onder voorwaarden mogelijk. In artikel 3.22 van de Regeling natuurbescherming staat dat aan iedereen vrijstelling wordt verleend voor het onder zich hebben van dieren*, maar uitsluitend als het betreffende dier kennelijk in het wild is gestorven buiten schuld of medeweten van degene die zich het dier heeft toegeëigend. Dus als u een doodgereden ree langs de openbare weg vindt, mag u dat op grond van deze bepaling meenemen. Mag dat ook als u zelf het ree heeft doodgereden? Uit de toelichting bij de Regeling volgt dat dit is toegestaan zolang u het dier niet opzettelijk heeft gedood. Als u zich aan de geldende snelheidsbepaling op een bepaalde weg houdt en er steekt onverhoopt een ree over, dan kan u niet verweten worden dat u dat ree opzettelijk heeft aangereden. In dat geval is de vrijstelling voor u toepasbaar en mag u het dode dier meenemen. In het kader van een adequate valwildregistratie is het vanzelfsprekend wenselijk dat u bij de politie melding maakt van het valwild.

Let op als het een aanrijding betreft met een ree, edelhert, damhert of wild zwijn en het dier is niet dood. Een gewond of ziek dier mag men uitsluitend onder zich hebben als voor vervoer melding is gemaakt bij de meldkamer van de politie en voor zover dat vervoer gebeurt door een door de politie aangewezen vervoerder. Verder geldt deze vrijstelling niet voor dode vogels. In de wet Natuurbescherming staat dat het verboden is om een vogel onder zich te hebben dat wordt genoemd onder de Vogelrichtlijn. Hierop bestaan twee uitzonderingen. Men mag de dode vogel in zijn bezit hebben als deze legaal verkregen is (via jacht, beheer of schadebestrijding) of als men de dood gevonden vogel – zolang men geen verwijtbare schuld heeft aan de dood van het dier – binnen drie dagen aflevert bij een preparateur.

* genoemd in bijlage 1, behorende bij artikel 3.25 van het Besluit natuurbescherming: boommarter, bunzing, damhert, edelhert, haas, hermelijn, konijn, ree, steenmarter, vos, wezel en wild zwijn.

 


Is uw vraag voldoende beantwoord? U kunt het bureau van de Jagersvereniging altijd bellen of mailen voor meer informatie.

De Jagersvereniging aanvaardt geen enkele aansprakelijkheid voor schade van welke aard dan ook, ontstaan door het gebruik van de gepresenteerde informatie.