Zon op
08:11
Zon onder
18:36
Nachtmodus

Wolven in de media – blog Laurens Hoedemaker

Daar stond ik dan, op een regenachtige woensdagmiddag. In een bos van Natuurmonumenten op de Veluwe. Op de achtergrond klonken schoten. Drie, vier, vijf kort na elkaar. Het bleek het spijkerpistool van een klusser te zijn, vertelde de cameraman toen hij terug kwam lopen. Nu was het stil. “Ze gaan schaften, dan kunnen wij rustig opnames maken.”

Voor of tegen?
Nieuwsuur was de wolf op het spoor gekomen. Althans, de ophef die over de wolf ontstaan was. “Ben je voor of tegen de komst van de wolf” leek de centrale vraag in het wolvendebat te zijn. Zó zwart-wit, dat is interessant voor de media. En dus wilde Nieuwsuur graag weten wat de jagers hiervan vinden. Dat wilden wij als Jagersvereniging wel vertellen. Ondertussen had ook de Volkskrant lucht gekregen van de nieuwswaarde van de wolf. Janneke Eigeman, onze ‘chef communicatie’ stond ze netjes te woord, maar zorgde ervoor dat het uitgebreide verhaal aan Nieuwsuur gelaten werd. Die hadden immers als eerste gebeld, en daar gaan wij professioneel mee om.

“Wat denkt u, komt de wolf naar Nederland,” was de eerste vraag. Ik knipperde even met mijn ogen. Volgens hebben we al een aantal wolven op bezoek gehad, maar is de vraag vooral of hij hier ook blijft, dacht ik. Enfin, de vraag bood een mooi haakje om te vertellen dat Nederland wel heel druk en dichtbevolkt is, en daardoor niet het meest aantrekkelijke gebied voor wolven. Die hint werd goed opgepakt: “Wat denkt u dat er misgaat als de wolf zich hier vestigt,”vroeg de interviewer. Ik begon mijn antwoord wat abstract: “In ons landschap spelen veel verschillende belangen, waar de wolf effect op kan hebben. Daar wordt nu nog niet goed genoeg naar gekeken.”

Oostvaardersplassen
Dat leidde tot de vraag waarop ik gehoopt had: “Hoe vindt u dat het debat over de komst van de wolf dan verloopt, tot nu toe?” Hier kon ik een prachtige brug slaan naar een voorbeeld dat elke kijker van Nieuwsuur zou herkennen. “Het verbaast me dat sommige landschapsbeheerders en ecologen kennelijk niets van het drama in de Oostvaardersplassen geleerd hebben.” Nu knipperde de interviewer met zijn ogen. “Eh, hoe bedoelt u?”
“Nou, heel simpel. Wat we van de Oostvaardersplassen kunnen leren, is dat dieren zich altijd zullen voortplanten. En dat de aantallen dieren daardoor kunnen toenemen tot grotere aantallen dan dat ecologen en landschapsbeheerders ooit gedacht hadden. Op dat moment kunnen andere maatschappelijke belangen, zoals dierenwelzijn en biodiversiteit in de Oostvaardersplassen, in het gedrang komen. Wat we ook van de Oostvaardersplassen kunnen leren is dat op dat moment niet alleen het ecologisch wensdenken van de landschapsbeheerder telt, maar vooral wat de maatschappij van het uiteindelijke resultaat vindt.”

“Hoe vertaalt dat dan naar de wolf?” vroeg de interviewer terecht. Ik rekende hem voor dat wanneer zich drie roedels wolven in Nederland vestigen, die elk jaar zo’n vijftien jonge wolven als nakomelingen produceren die zich over het Nederlandse landschap zullen verspreiden. Jaar na jaar. En dat dit gaat leiden tot conflicten met veehouders, hobbyboeren, schaapherders, paardenhouders, wandelaars met honden en andere mensen die in het landschap leven en actief zijn.

“Maar het Wolvenplan doet toch voorstellen voor maatregelen om schade te voorkomen, is dat niet goed genoeg?“ Als antwoord hierop kon ik mooi aankaarten dat het wolvenplan wel heel eenzijdig naar de belangen van de wolf kijkt en gemakkelijk oplossingen voorstelt zonder de gevolgen daarvan in de breedte te bezien. Zo staat het op stal zetten van schapen, koeien en paarden haaks op de maatschappelijke wens om meer dieren in de wei te zien. Ook hebben we rondtrekkende schaapskuddes nodig om onze heidelandschappen te behouden. Een andere maatregel, de hekken die wolven uit de weilanden moeten houden, belemmert ook andere wilde dieren in hun bewegingsvrijheid. En dat terwijl we de afgelopen twintig jaar vele miljoenen besteed hebben aan het ‘onthekken’ van ons landschap om zo veel mogelijk natuurlijke verbindingszones te creëren. “Als je overal wolvenrasters plaatst ziet Nederland er straks uit als een aaneenschakeling van kleine Oostvaardersplassengebiedjes. Dat moeten we niet willen,” zo sloot ik af.  De cameraman knikte. Dat was een helder verhaal.

Nadenken
De interviewer wilde graag weten hoe het volgens de Jagersvereniging dan wél moet. Wij vinden dat je van tevoren moet nadenken over alle mogelijke ontwikkelingen die met de komst van wolven samenhangen. Daarbij moet je ook de onverwachte scenario’s doordenken en van tevoren met alle betrokken partijen afspreken wat je gaat doen om ongewenste ontwikkelingen te verhelpen. Daarbij hoort in het uiterste geval ook het doden van wolven die problemen veroorzaken. Ervaringen in onder andere Finland en Zweden laten zien dat het maken van zulke integrale plannen noodzakelijk is voor het draagvlak voor wolven, en dat de mogelijkheid om in noodgevallen in te grijpen essentieel is om er voor te zorgen dat de mensen die er direct mee te maken hebben zich niet letterlijk ‘aan de wolven overgeleverd’ voelen.

Schade
Tot slot wilde de interviewer het nog even hebben over de schadecompensatie. In het bijzonder over de opmerking van de Jagersvereniging dat ook jagers gecompenseerd moeten worden voor schadelijke effecten van wolven. “Vindt u dat het hert in het bos van de jager is en dat de overheid moet betalen wanneer een wolf dat hert opeet?”, vroeg hij met een twinkeling in zijn ogen. “Natuurlijk niet” antwoordde ik. “Maar het is wel zo dat jagers investeren in hun jachtveld en dat zij jachtpacht betalen aan de grondeigenaar. Als door de komst van de wolf het wild uit zo’n jachtveld verdwijnt, is dat een enorm waardeverlies. Dat zou wel gecompenseerd moeten worden. Jagers zijn belanghebbenden in het buitengebied en daarmee is het volstrekt logisch dat ook het jagersbelang als gerechtvaardigd belang in de afwegingen meegewogen wordt.”  Ik kon aan hem zien dat hij het hierover nog niet helemaal met mij eens was. Dat kan; mensen mogen van mening verschillen. Met een stevige handdruk en een goed gevoel namen we afscheid van elkaar. Ik ben benieuwd wat er uiteindelijk in de montage van gemaakt wordt. Vanavond kijken!


(Bekijk hier de Reportage: Worsteling met de wolf in Nederland van Nieuwsuur. Tekst loopt door onder de video)

Laurens Hoedemaker

Directeur Koninklijke Nederlandse Jagersvereniging
  • Delen:


Gerelateerd nieuws