Zon op
08:15
Zon onder
18:32
Nachtmodus

Heggen en hagen belangrijk voor biodiversiteit

Holland heggenland, over de herwaardering van heggen en hagen

Ooit was ons land dichter behegd dan Engeland, maar veel heggen zijn verdwenen en daarmee ook leefgebied voor flora en fauna. Maar gelukkig is er een kentering gaande: in het kader van biodiversiteitsherstel worden steeds meer heggen aangelegd.*

Tekst: Oswin Schneeweisz
* Dit artikel verscheen in De Jager, september 2021

Amper een eeuw geleden danste het boerenland van leven. Kavels waren kleiner en gescheiden door heggen vol zangvogels en natuurlijke oevers vol wilde planten. Grasland was vochtiger en stond van voorjaar tot nazomer in bloei met honderden verschillende kruiden. Door die weidebloemen gonsde het van de insecten en op die insecten kwamen de weidevogels af. Een van de speerpunten van het Deltaplan Biodiversiteitsherstel, waar ook de Jagersvereniging bij aangesloten is, betreft het terugbrengen van dergelijke kleine landschapselementen om biodiversiteit te bevorderen.

Heggen & hagen

Geef een jager een overhoekje of een strookje land en binnen een mum van tijd staat er een mooie wildakker of akkerrand. Een andere optie voor het verbeteren van de biodiversiteit is het herstel van heggen en andere kleine landschapselementen. Een heg is namelijk meer dan een rijtje struiken naast elkaar. Tot ongeveer halverwege de twintigste eeuw werd haast elke akker en weide omzoomd door een heg of houtwal. Meidoorn, sleedoorn, vlier, wilg, els en andere bomen en struiken vormden brede hagen. Het vee vond er op zomerse dagen schaduw. In de herfst en winter werd er hout geoogst voor in de kachel en het hout van wilgen werd op allerlei manieren toegepast. Op, rond, onder en tussen de heg leven binnen de kortste keren kruiden, mossen, paddenstoelen, insecten, vogels en andere dieren. Door deze grote variatie is de bijdrage aan de biodiversiteit hoog en heggen leggen ook nog eens CO2 vast.

Heggen en hagen zijn goed voor biodiversiteit en CO2 opslag

Op, rond, onder en tussen de heg leven binnen de kortste keren kruiden, mossen, paddenstoelen, insecten, vogels en andere dieren. Door deze grote variatie is de bijdrage aan de biodiversiteit hoog en heggen leggen ook nog eens CO2 vast.

Genadeslag

Wie oude topografische kaarten bekijkt ziet overal heggen. Ze dienden in de eerste plaats als veekering, maar met de uitvinding van het prikkeldraad werd die functie in ras tempo minder. De genadeslag kreeg het typisch Hollandse heggenlandschap met de ruilverkaveling en de mechanisatie van de landbouw. De machines werden zwaarder, de kavels werden groter en die onhandige heggen, die bovendien onderhouden moesten worden, pasten niet meer in het moderne productielandschap. Massaal werden ze gerooid en daarmee verdween ook de perfecte habitat voor veel dieren en planten. Langzaam maar zeker begint het tij te keren en worden op veel plaatsen nieuwe heggen aangeplant. Herstel van heggen en houtwallen is opgenomen in de Nationale Bosstrategie en BIJ12 ondersteunt met subsidies nieuwe initiatieven.

Maasheggen

Het Maasheggenlandschap kreeg zelfs de status van immaterieel erfgoed. Marius Grutters (1954) groeide op in het heggenlandschap. Zijn grootvader was een van de laatsten die de speciale techniek van het Maasheggen-vlechten nog beheerste. Grutters (werkzaam als senior medewerker Bedrijfsvoering bij Stichting het Limburgs Landschap) had geen plannen om in opa’s voetsporen te treden, maar bloed stroomt waar het niet gaan kan. Grutters: ‘Ik ben er toch een beetje mee besmet. Toen ik begin 2000 hier de eerste heggen zag verschijnen in Engelse stijl moest ik mij er wel mee bemoeien. Ik vond het onacceptabel. Terwijl wij een prachtige Nederlandse vlechttraditie hebben, verschenen er plots ‘Engelse’ heggen in dit historische landschap. Zo is het begonnen. Zo ben ik, samen met mijn broers, alsnog in de voetsporen van mijn opa getreden.’

Marius Grutters bracht de oude Nederlandse vlechttechnieken terug

Marius Grutters: ‘Ik ging op zoek naar de kennis van mijn opa en mijn vader. Ook heb ik oude boeren gevraagd wat zij zich nog konden herinneren en gaandeweg lukte het mij om de traditionele vlechttechniek te reconstrueren.’

Een Engelse heg maakt gebruik van dode materialen. De struiken worden tussen palen geplaatst en het geheel wordt van bovenaf bij elkaar gehouden door wilgentenen. Grutters: ‘Dat past niet in het Nederlandse landschap. Ik dacht: waarom doe we dat zo? Daarom ben ik gaan graven in mijn herinneringen. Op zoek naar de kennis van mijn opa en mijn vader. Ook heb ik oude boeren gevraagd wat zij zich nog konden herinneren en gaandeweg lukte het mij om de traditionele vlechttechniek te reconstrueren. Die techniek maakt geen gebruik van dood hout, dat uiteindelijk gaat rotten en verzakken, maar is 100 procent levend. De stammen worden als ze polsdik zijn ongeveer driekwart ingezaagd zodat de sapstroom behouden blijft, maar je ze wel kunt buigen. Zo ontstaat die typische structuur van het maasheggen-vlechtwerk.’

Prikkeldraad

Staatsbosbeheer ontving als eerste gebiedsproject in de provincie Noord-Brabant een subsidie voor kavelruil. Zo wil men in de Noordelijke Maasvallei gronden vrij ruilen voor de realisatie van het Natuurnetwerk Noord-Brabant (NNB) en de agrarische verkaveling verbeteren. Een belangrijke doelstelling is het herstellen van het historische Maasheggen-landschap. Een eeuwenoud landschap dat zich uitstrekt van Vierlingsbeek tot de Kraaijenbergse Plassen in Cuijk. Grutters: ‘Ik merk aan de vele reacties dat de interesse de laatste jaren toeneemt. We hebben het momentum mee. Iedereen is bezig met biodiversiteit en duurzaamheid en daarin past het Maasheggenvlechten. Van prikkeldraad wordt niemand blij.’

Houtwallen

Veel andere landschapselementen, zoals poelen en houtwallen, gingen dezelfde weg als de heggen en verdwenen. Houtwallen zijn aarden wallen met beplanting van bomen en struiken. Topografische kaarten van vóór 1900 en zelfs van decennia daarna laten zien hoe talrijk houtwallen en houtsingels waren. Enkele uitzonderingen, zoals het noordelijke Friese Woudengebied, Steenwijkerwold, de Drentse Aa-vallei en Noordoost-Twente, laten nog iets zien van het vroegere kleinschalige landschap. Net zoals heggen zijn die oude houtwallen een bron van cultuurhistorisch en genetisch erfgoed. Allerlei zeldzame soorten bomen en struiken voor wie het bos te donker is vinden er een leefgebied.

Houtwallen en houtsingels waren talrijk in het Nederlandse landschap

Topografische kaarten van vóór 1900 en zelfs van decennia daarna laten zien hoe talrijk houtwallen en houtsingels waren.

De begroeiing van oude houtwallen bestaat meestal uit hakhout en knotbomen. Ook combinaties met snoeiheggen komen voor. Na circa 1870 ging men steeds meer over op opgaande bomen. Houtwallen waren een waardevolle bron van geriefhout, twijgen, vruchten en bladvoer en vormden tevens een adequate afscherming tegen ongewenst vee of wild. Het opwerpen van wallen en het graven van greppels en sloten gebeurde overigens al vanaf de prehistorie ten behoeve van eigendomsgrenzen, landsgrenzen, perceelsgrenzen, fortificaties en linies. Ze moesten wilde dieren, water, vee of de vijand tegenhouden. Door de vele ontginningen in beekdalen zijn er ook in de 18e en 19e eeuw nog veel houtwallen aangelegd. Een bijzondere vorm betreft de wildwal. Deze werden aangelegd om vee langs het bouwland te leiden zodat ze minder schade veroorzaakten. Een wildwal was breder dan een houtwal en de greppel dieper. In Havelte werd er zelfs één langs een kerkhof aangelegd. Hij diende ‘herten, reeën en de duivel buiten te houden.’

Investering

Voorjaar 2019. Stammetje voor stammetje gaat de grond in op een van onze percelen: 1600 dunne en nu nog kale meidoornstammetjes afgewisseld met rode kornoelje, kardinaalsmuts en Gelderse roos. Zo’n heg biedt dekking aan vele wildsoorten en elke soort flora trekt weer zijn eigen specifieke fauna aan. Een meidoorn biedt leefgebied voor ongeveer 200 verschillende soorten ongewervelde dieren en sleedoorn creëert een habitat voor wel 150 verschillende soorten. Muizen en eekhoorns doen zich tegoed aan noten en rozenbottels. Vogels voeden zich met bessen. Bloemen trekken bijen aan en de haag zelf vormt een perfecte verbindingszone tussen gebieden, waarlangs bijvoorbeeld hazen zich veilig kunnen verplaatsen. Met een groep vrijwilligers werken we de hele dag onder leiding van Marius Grutters aan de eerste Maasheg op het landgoed. Het zal nog een jaar of zes duren voordat de sprieten groot genoeg zijn om ze te kunnen vlechten. Daarna is het een kwestie van twee jaar top en zijkant snoeien, zodat de heg breedte ontwikkeld en eventueel de open plekken opvullen met ander plantmateriaal. Laat vervolgens de heg ca. 6-10 jaar door groeien, zodat íe kan bloeien en meer volume krijgt en klaar is je Maasheg. Een investering voor de toekomst.

Soorten heggen

  • Wat is een knip- of scheerheg?
    Een knip- of scheerheg is een vrij liggend lijnvormig landschapselement, met een aaneengesloten begroeiing van inheemse bomen en/of struiken, dat wordt geknipt of geschoren. Een knip- of scheerheg is minimaal 25 meter lang.
  • Wat zijn struweelhagen?
    Struweelhagen
     komen in heel Nederland voor en er zijn vele lokale varianten. Karakteristieke heggenlandschappen zijn terug te vinden langs de grote rivieren Maas en IJssel, in Zuid-Beveland en op Walcheren. Het verschil met een knip- of scheerheg is dat een struweelhaag minder frequent wordt gesnoeid en daardoor meer en breder uitgroeit. Soms is er sprake van speciale beheervormen zoals bij vlechtheggen.
  • Wat is een Gelderse haag?
    Een Gelderse haag bestaat uit een aantal soorten planten die passen bij de Gelderse streek. Als basis wordt de Beuk(Rood en Groen) en haagbeuk gebruikt. Dit aangevuld met soorten als de Gelderse roos, meidoorn, sleedoorn, hondsroos, veldesdoorn, kardinaalsmuts en krent.
  • Wat zijn Maasheggen?
    Maasheggen
    zijn gevlochten heggen die vroeger in heel Nederland werden gebruikt, maar alleen in het uiterste oosten van Brabant nog bewaard zijn gebleven. Deze hagen bestaan hoofdzakelijk uit meidoorn en sleedoorn die in elkaar gevlochten zijn. De eeuwenoude heggen bevatten ook soorten als wegedoorn, veldesdoorn, hondsroos, kardinaalsmuts en rode kornoelje. Bij nieuwe aanplant worden ook deze soorten in een klein percentage mee geplant.
  • Wat is een Zeeuwse haag?
    De Zeeuwse haag bestaat als basis uit meidoorn aangevuld met hondsroos, en sleedoorn. Daarnaast vind je er ook vaak planten als de vlier, es, veldesdoorn en liguster.
  • Delen: