Zon op
05:43
Zon onder
21:46
Nachtmodus
Foto: Michael Migos

De Koning van de weide moet behouden blijven – Trouw

Het gaat nog altijd slecht met de grutto. Initiatieven om de leefomgeving van de grutto te verbeteren helpen niet genoeg. Tijd voor serieus ingrijpen. Met een Aanvalsplan Grutto.

Het lijntje loopt steil naar beneden. Sinds 1990 is het aantal broedparen van de grutto gedaald van 100.000 naar 35.000. Dat is pijnlijk, omdat de wereldpopulatie Europese grutto’s voor het voortbestaan is aangewezen op Nederlandse weiden. Liefst 85 procent broedt in de open graslanden van laaggelegen Nederland.

Aanvalsplan Grutto

“Ons land heeft een bijzondere verantwoordelijkheid als kraamkamer van de grutto”, zegt Pieter Winsemius, oud-minister van milieu. Hij heeft Friese wortels en trekt zich het lot van de weidevogels aan. Daarom heeft hij een Aanvalsplan Grutto opgesteld. De grutto staat symbool voor een algemene malaise onder weidevogels: ook de tureluur, de kievit, de scholekster, de slobeend, de zomertaling (nog maar maximaal veertienhonderd broedparen), de watersnip (nog hoogstens vijftienhonderd broedparen) en de wulp zitten in een neerwaartse tendens. Van een miljoen veldleeuweriken die er in de jaren vijftig nog waren, zijn er nu nog 35.000 over. Sinds 1960 is het aantal boerenlandvogels met 60 tot 70 procent teruggelopen.

Het is al jaren duidelijk dat er wat moet gebeuren en er gebeurt ook al veel. Maar al die maatregelen zijn niet genoeg, vinden ook landschapsorganisatie It Fryske Gea en de Friese Milieufederatie. Zij steunen het Aanvalsplan Grutto volledig. Winsemius voert intussen overleg met boerenorganisatie LTO Nederland en met het ministerie van landbouw, natuur en visserij over het voorstel.

Winsemius hoopt dat verdergaande maatregelen voor de grutto tot een breder herstel van de weidevogelpopulatie leiden. De kansen voor een reddingsplan anno 2019 zijn toegenomen, denkt Winsemius, nu zowel landbouwminister Carola Schouten in haar Landbouwvisie als een groot aantal maatschappelijke organisaties in het Deltaplan Biodiversiteit het behoud van soorten tot speerpunt hebben gemaakt.

Wat moet er volgens de initiatiefnemers gebeuren?

De kerngebieden voor grutto’s moeten veel groter. De totale omvang van de gebieden is vaak te klein en is het beheer niet altijd in orde. Het waterpeil in de kerngebieden moet hoger, het agrarische landgebruik moet verder worden aangepast en roofdieren moeten worden verjaagd. De grutto heeft het niet alleen moeilijk door versnippering en ontwatering van het land, en het gebruik van bestrijdingsmiddelen waardoor er minder insecten zijn, het aantal predatoren dat aast op weidevogels neemt toe. Buizerds, ooievaars, bunzings, marters, hermelijnen, vossen en (verwilderde) katten zorgen er ook voor dat de aantallen sterk afnemen.

(…)

De Jagersvereniging pleit al jaren voor een meersporenbeleid

De Koninklijke Nederlands Jagersvereniging zet al sinds 2016 in op een meersporenbeleid. Op dit moment wordt voor de bescherming van weidevogels gekozen voor het werken aan een goede inrichting van gebieden, dat is belangrijk voor de bescherming van onze prachtige weidevogels op de lange termijn. Op de korte termijn mislukt 30 – 40% van de nesten door predatie en wordt 60-75% van de kuikens gegrepen door roofdieren. Dieren die nauwelijks natuurlijke vijanden hebben, zoals de vos, verwilderde kat, zwarte kraai en de hermelijn. Vandaar dat de Jagersvereniging pleit voor een meersporenbeleid: broedgebieden voor weidevogels inrichten én roofdieren bejagen. De Jagersvereniging zet zich in voor actieve bejaging van vossen in en rond weidevogelgebieden. Daar moeten alle grondgebruikers en -eigenaren in meedoen, zodat de predatiedruk voldoende laag is om kwetsbare weidevogels een kans te geven.

Lees het hele bericht op Trouw.nl

Trouw.nl
  • Delen:


Gerelateerd nieuws