De gans is al jaren de grootste schadeveroorzaker voor de Nederlandse landbouw. Jaarlijks loopt de schade op tot tientallen miljoenen euro’s, vooral aan voorjaars- en zomergrasland. Om een goed beeld te krijgen van het aantal ganzen en hun verspreiding, vindt op zaterdag 18 juli 2026 vanaf 09.00 uur in heel Nederland de jaarlijkse julitelling van ganzen plaats.
Een betrouwbare telling is van groot belang voor toekomstig beleid. Wie ganzenpopulaties goed wil beheren, moet eerst weten hoeveel ganzen er zijn, waar zij zich ophouden en hoe de aantallen zich ontwikkelen. De julitelling vormt daarom een belangrijke basis voor beleid, monitoring en beheermaatregelen.
Ganzen veroorzaken miljoenen euro’s schade
Uit de meest recente cijfers van BIJ12 blijkt dat vooral drie ganzensoorten verantwoordelijk zijn voor het grootste deel van de landbouwschade. De grauwe gans veroorzaakt ruim 46,4 miljoen euro schade, de brandgans 11,4 miljoen euro en de kolgans 6 miljoen euro. Vooral in provincies als Noord-Holland en Friesland is de schade groot.
Die schade ontstaat doordat grote groepen ganzen grazen op graslanden die juist in het voorjaar en de zomer essentieel zijn voor boeren. Het gras is bedoeld als voer voor koeien, maar wordt op grote schaal opgegeten of vervuild door ganzen. Voor boeren betekent dit minder opbrengst, extra kosten en onzekerheid in hun bedrijfsvoering.
De financiële gevolgen raken bovendien niet alleen de landbouw. Schadevergoedingen aan boeren worden betaald uit publieke middelen. Dat is geld dat ook had kunnen worden ingezet voor andere doelen in het landelijk gebied, zoals natuurherstel, biodiversiteit, weidevogelbescherming of verbetering van leefgebieden. Iedere euro die nodig is om ganzenschade te compenseren, kan niet op een andere plek worden besteed aan versterking van natuur en landschap. Juist daarom is goed onderbouwd ganzenbeheer van belang.
Waarom de julitelling zo belangrijk is
Tijdens de julitelling trekken jagers en andere vrijwilligers in het hele land het veld in om ganzen te tellen. Hun inzet is essentieel voor een actueel en realistisch beeld van de situatie. De telling laat zien waar ganzen zich bevinden, hoe groot de groepen zijn en welke soorten aanwezig zijn. Deze gegevens helpen provincies, faunabeheereenheden en andere betrokken partijen bij het maken van beleid.